Tapijtkever

De larven van een aantal keversoorten kunnen in wollen stoffen, bont, opgezette dieren, huiden en andere producten van dierlijke oorsprong aanzienlijke schade aanrichten. Het zijn o.a. de larven van:

  • De gewone tapijtkever (Anthrenus verbasci Linnaeus)
  • De australische tapijtkever (Anthrenocerus australis Hope)
  • De pelskever (Attagenus pellio Linnaeus)


Weergave:


Bezig met laden...

Gewone tapijtkever

Anthrenus verbasci L

 

Uiterlijk :     

ca. 1,8 tot 3,2 mm lang en ca. 2 mm breed.
Ovaalvormig zwart gekleurd.
Dekschild voorzien van 3 onscherpe, boogvormige witte dwarsbanden; buikzijde grijs of geelachtig wit.
Larve: 4 tot 5 mm lang.
Bijna eivormig met lichtbruine beharing.
Aan het achterste segment hebben de haren een goudkleur.
Aantal vervellingen 6 tot 8.
Wordt de larve aangeraakt, dan rolt deze zich op en lijkt dan op een klein gouden bolletje.

       
Ontwikkeling :  

Volledige gedaanteverwisseling
Eistadium: 6 tot 35 dagen, larvale stadium: 2 tot 12 maanden
Pop: 5 tot 19 dagen.
Het imago blijft nog 3 tot 30 dagen in de pophuid zitten
Imago: levensduur 7 tot 41 dagen.

       
Leefwijze :   De larven eten uitsluitend van dierlijke producten.
De kevers kunnen zeer goed vliegen.
       
Schade :   Wordt alleen veroorzaakt door de larve.
Schade kan ontstaan aan wollen vloerbedekking, kleding en opgezette dieren.
       
Wering/Preventie :   Vogelnesten onder dakpannen voorkomen.
Dichten van naden en kieren.
Opruimen van kadavers.


Om jou een goede ervaring op onze website te geven, maken wij gebruik van cookies en vergelijkbare technieken. Hierdoor kunnen wij zien hoe je onze website gebruikt en met deze gegevens maken wij onze website beter en gebruiksvriendelijker. Wij houden niet van Bugs!
Accepteer geselecteerde cookies
Als je onze webshop/site gebruikt, krijg je van ons cookies klik hier voor meer info