Bloedluis (rode vogelmijt) bij kippen herkennen en bestrijden

Een zwoele zomeravond, je kippen willen ineens niet meer het hok in en blijven liever buiten op stok. De volgende ochtend zie je bleke kammen, onrustige dieren en opvallend minder eieren. Grote kans dat je te maken hebt met bloedluis, beter bekend als de rode vogelmijt (Dermanyssus gallinae). Juist in de warme maanden — van mei tot in september — explodeert deze plaag in kippenhokken, volieres en duiventillen.

Hoewel we spreken van “bloedluis”, gaat het strikt genomen niet om een luis maar om een mijt. Het beestje leeft niet permanent op je dieren, maar verstopt zich overdag in kieren en naden van het hok en kruipt ’s nachts tevoorschijn om bloed te zuigen. Dat maakt de bestrijding net even anders dan bij andere parasieten. In dit artikel lees je hoe je rode vogelmijt herkent, hoe je de plaag stap voor stap aanpakt en welke middelen daarbij helpen.

Herkennen

De rode vogelmijt is klein: ongeveer 0,7 tot 1 millimeter. Een nuchtere, niet-gevoede mijt is grijswit tot lichtgrijs; na een bloedmaaltijd kleurt hij donkerrood tot bijna zwart. Met het blote oog lijken het bewegende stipjes of, bij grote aantallen, een grijze “asachtige” aanslag in de naden van het hok.

Omdat de mijten overdag schuilen en alleen ’s nachts zuigen, zie je ze niet altijd op de dieren zelf. Let daarom vooral op deze signalen:

  • Bleke kammen en lellen door bloedarmoede (anemie) bij een zware besmetting.
  • Onrustige, kriebelige kippen die niet het hok in willen of ’s nachts van stok blijven.
  • Daling van de eierproductie en soms kleine bloedspatjes op de eieren of op de zitstokken.
  • Veel poetsen, krabben en verenpikken.
  • Grijze of roodbruine puntjes in kieren onder de zitstokken, in nestkasten en bij ophangpunten.

Een betrouwbare controle doe je ’s avonds in het donker met een zaklamp: schuif onder de uiteinden van de zitstok een stukje wit keukenpapier of plak een strook tape in een naad. Vind je de volgende ochtend rode vegen of bewegende stipjes, dan is de diagnose duidelijk. Doe deze check in de zomer wekelijks, want de populatie kan zich in warme omstandigheden (25–35 °C) in ongeveer een week sterk uitbreiden.

Aanpak

Het belangrijkste inzicht: je behandelt niet alleen de kippen, maar vooral het hok. Daar leven en broeden de mijten. Pak je alleen de dieren aan, dan kruipen de mijten gewoon terug uit de kieren. Werk daarom in deze stappen:

1. Grondig reinigen

Haal al het strooisel, de mest en het nestmateriaal weg en voer dit af (niet op de composthoop naast het hok). Maak het hok leeg en borstel of stofzuig de zitstokken, naden en nestkasten goed uit. Een hogedrukreiniger helpt om eieren en mijten uit kieren te spoelen. Laat het hok daarna goed drogen.

2. Behandelen met poeder of spray

Breng een bestrijdingsmiddel gericht aan in alle schuilplaatsen: de uiteinden van de zitstokken, naden, hoeken, nestkasten en ophangpunten. Diatomeeenaarde (kiezelgoer) werkt puur mechanisch: het fijne poeder beschadigt de waslaag van de mijt, waardoor die uitdroogt. Daardoor kunnen mijten er geen resistentie tegen opbouwen — een groot voordeel. Daarnaast zijn er kant-en-klare sprays op basis van natuurlijke werkzame stoffen voor in de kieren.

3. Herhalen om de cyclus te breken

De meeste middelen doden de actieve mijten maar niet de eieren. Behandel daarom na ongeveer 7 dagen opnieuw, en herhaal dit een paar keer, zodat ook de net uitgekomen mijten worden meegenomen. Volhouden is hier het sleutelwoord.

4. Schuilplaatsen wegnemen

Dicht kieren en naden, vervang versleten houten onderdelen en houd het hok droog en luchtig. Hoe minder verstopplekken, hoe minder kans op een nieuwe uitbraak. Bij het uitstrooien van poeder draag je een stofmasker, zodat je de fijne deeltjes niet inademt.

Aanbevolen producten

Bij Dierplagenshop vind je een compleet assortiment tegen rode vogelmijt. Een paar veelgebruikte middelen:

Bekijk het volledige aanbod in onze collectie Bloedluizen. Twijfel je welk middel het beste past bij jouw situatie? Onze gediplomeerde adviseurs denken graag met je mee.

Veelgestelde vragen

Is bloedluis hetzelfde als rode vogelmijt?

Ja. “Bloedluis” is de volksnaam voor de rode vogelmijt (Dermanyssus gallinae). Biologisch gezien is het geen luis maar een mijt, maar in de praktijk worden beide namen door elkaar gebruikt.

Waarom heb ik juist in de zomer last van bloedluis?

De mijt gedijt bij warmte en een hoge luchtvochtigheid. Bij temperaturen rond 25–35 °C verloopt de levenscyclus razendsnel, waardoor de populatie in de zomermaanden explosief kan groeien. In de winter is de mijt veel minder actief.

Kan bloedluis ook mensen bijten?

Bij een zware besmetting kan de rode vogelmijt ook mensen bijten, bijvoorbeeld bij het verzorgen van de dieren. Dat geeft jeukende bultjes, maar de mijt kan niet op mensen leven of zich voortplanten. Zodra de plaag in het hok is opgelost, verdwijnen de beten vanzelf.

Is diatomeeenaarde veilig voor mijn kippen?

Diatomeeenaarde werkt mechanisch en bevat geen gif, waardoor het geschikt is voor gebruik in het kippenhok. Draag bij het aanbrengen wel een stofmasker en vermijd dat de dieren grote stofwolken inademen. Breng het gericht aan in kieren en op zitstokken.

Hoe vaak moet ik de behandeling herhalen?

Omdat de meeste middelen de eieren niet doden, herhaal je de behandeling na ongeveer 7 dagen, en vervolgens nog enkele keren. Zo onderbreek je de levenscyclus en voorkom je dat een nieuwe generatie mijten de plaag in stand houdt.

Wanneer schakel ik een professional in?

Bij een grote, hardnekkige besmetting in een professionele pluimveestal of als de dieren ernstig verzwakt zijn, is het verstandig een gespecialiseerde plaagdierbestrijder in te schakelen. Die kan onder meer met roofmijten of professionele middelen werken.

Pro-tip: begin niet pas met behandelen als de plaag al groot is, maar controleer je hok vanaf het voorjaar wekelijks met de keukenpapier-test onder de zitstok. Een lichte, droge en goed afgedichte stal met een laagje diatomeeenaarde in de naden houdt de rode vogelmijt het hele seizoen op afstand — voorkomen is hier echt veel makkelijker dan bestrijden.

Bronnen: Gezondheidsdienst voor Dieren (GD) en Kenniscentrum Dierplagen (KAD), geraadpleegd juni 2026.

Back to blog